Door deze website te gebruiken gaat u akkoord met het gebruik van cookies op de website.

Sponsors

Trouw

Trouw (uit “B.V.V.-Klanken” december 1952)

Kort na de oorlog kon men op het grote soldatenkerkhof te Margraten in Limburg op een der graven een bloemenkrans zien liggen, waaraan een kaartje hing met de volgende opschrift: “I’ll try to be a good girl, Bob”. (Ik zal trachten een goed meisje te zijn, Bob).

Geen van beide waren bekend en toch hebben die woorden mij zo getroffen, dat het moeilijk was om ze te vergeten. Zij duiden op een geheim tussen twee mensen, die te vroeg uiteen gingen. Welke betrekking tussen beide bestaan heeft, blijft onbekend. Maar een conclusie valt zeker te trekken en wel deze, dat een roep, die door de kille beslotenheid van het graf heen dringt, trouw beloofde aan een dode, die van te voren moet hebben bestaan. Wat moet deze gedachte op die bloemenkrans een diepe indruk op dat meisje gehad hebben om het nog eens aan de buitenwereld bekend te maken. Maar er moet ook van die kerel iets zijn uitgegaan, een appèl aan de nobele trekken van de mensen die in zijn omgeving mochten leven. Hij moet bewondering losgeslagen hebben bij wie nauw met hem verbonden waren. Ja, als die simpele woorden het afscheid verwoorden van twee mensen, dan moet daaraan een samenzijn vooraf zijn gegaan, waarbij ze elkaar zo diep begrepen hebben, dat zij een stuk eeuwigheid beleefden. Er heeft tussen hen een grote liefde gebloeid, een trouw die niet omsloeg in vertwijfeling, laat staan elkaar verlaten. Trouw bestaat niet in een vluchtig gevoel, een voorbijgaande bevlieging.

Als men zo over dit begrip nadenkt en de medemensen beziet uit dit oogpunt, dan moet er een band ontstaan tussen hen, die over de wisselvalligheden van de tijd heen grijpt. Leven wij niet te vaak aan de oppervlakte van ons eigen wezen en denken wij niet te veel aan ons zelf ? Zo een simpel opschrift bij een graf van een nobel mens kan ons plotseling met onze diepste mogelijkheden confronteren. Wij dienen met elkaar samen te leven in de echte zin van het woord.

In het woord trouw zit werkelijk alles opgesloten. Men zegt wel eens dat men iemand het geloof niet geven kan, maar de hoop en de liefde wel. Deze drie begrippen kan men onder trouw bijeen brengen, want het sluit ze alle drie in. Als wij hierover nadenken, komen wij dan niet iets tekort ?

In onze B.V.V.-samenleving merkt men af en toe wel, dat sommigen dit begrip van trouw niet erg duidelijk is en zij zich niet geven en gedragen zoals het moest. Men mag dan ook aannemen, dat zij in hun maatschappelijke leven buiten de sport het ook niet zullen zijn. Immers in de sport worden alle karaktertrekken vroeg of laat openbaar. Hier laten zij zich gaan en worden de remmen los gelaten. Het zijn dan  niet zulke vergrijpen die men begaat; het blijft allemaal in het klein. Hier leert men zijn karakter vormen of niet. De sport dient immers een hulpmiddel te zijn van de opvoeding. Men krijgt hier de gelegenheid om de deugd van trouw te leren beoefenen. Voorbeelden te noemen is overbodig. Het zijn talloze kleine puntjes waar men zich buiten de bal ook geestelijk op kan trainen. Uit onze naaste omgeving weten wij allen feiten genoeg, die ons duidelijk gemaakt hebben dat het met het begrip trouw soms niet zo nauw wordt genomen. Wordt er op het ogenblik niet door alle leiders, die met de jeugd te maken hebben, geklaagd dat er zo’n gebrek aan tucht is ? Deze zelfdiscipline is een eerste vereiste om op de goede weg te geraken. 

Wij willen ons eens afvragen waarom onze B.V.V.-gemeenschap zo sterk is geworden en practisch een stuk leven is in de stad ? Kort en bondig: wij zijn er van kinds af aan in gekomen en in deze familie groot en door lief en leed sterk geworden.

Laat de jeugd vooral beseffen, dat de oude beginselen nog steeds de hechte pijlers zijn van onze vereniging. Zij kunnen rond om zich heen deze “sterke B.V.V.-benen” zien, die hen een voorbeeld geven. Laten zij zich daaraan toetsen en in hun trede stappen. De enkeling die dan verloren gaat, zal dan elders bekennen, dat hij teveel aan zich zelf dacht en niet aan de gemeenschap, waaraan hij heeft te geven. Want door veel te geven in elk opzicht brengt men zich zelf op hoger plan en neemt men de vruchten van een goede karaktervorming. Men wordt dan een man in het leven waar men op kan bouwen.

Want: hij is trouw.

Dat leert een eenvoudig soldatengraf.

Delen

voeg je eigen gadgets toe aan deze pagina!